Iedere keer als de metaaldetector piept ontstaat er weer een soort spanning. “Wat ga ik opgraven? Is het een scherf, een huls of....een geweer?”. Dit soort spanning is alom bekend bij zoekers.

Er schuilt echter ook een groot gevaar. De kans bestaat dat er mortieren, granaten of scherpe munitie omhoog komen. Zorgvuldigheid en voorzichtigheid zijn geboden. Kennis van wapens en munitie is daarom van groot belang. Wij raden daarom af om zomaar lukraak met een metaaldetector te gaan zoeken, zeker op WOI of WOII slagvelden!

Ook willen wij u erop wijzen dat het gebruik van een metaaldetector in grote delen van Nederland, Duitsland en België streng verboden is. Denk hierbij zeker aan de gebieden Nijmegen, Oosterbeek/Renkum, Ardennen, Berlijn en Hürtgenwald. U moet daar degelijk rekening houden met een strafbaar feit en inbeslagname van spullen, geldboetes en/of zwaardere straffen.

Daarnaast komen wij tegen dat de bosgrond door het graven ernstig is beschadigd en er grote hoeveelheden afval worden achtergelaten. Dit is niet alleen bij ons een doorn in het oog, maar ook bij de boswachters en bosbeheerders. Het heeft ons veel tijd gekost om deze partijen duidelijk te dat dit niet onze manier van werken is. Stichting Missing In Action (M.I.A.) onderneemt zoektochten alléén met vergunning, maar gebruik van metaaldetectors is hierbij een zeldzaamheid. Meestal zoeken wij op andere manieren en is graven niet vanzelfsprekend.

Is het het geld waard om iemands graf te roven? Stichting Missing In Action (M.I.A.) is van mening van niet. Stel je voor dat het jouw zoon, dochter, ouder of echtgenoot is die nooit is teruggekomen uit het slagveld. De eeuwigdurende onzekerheid was en is nog steed onverdraagzaam voor nabestaanden.
Overigens bent u verplicht om de vondst van een stoffelijk overschot te melden. U dient direct de lokale politie in te schakelen  want wie zegt dat het een oorlogsslachtoffer betreft? U kunt zo maar het stoffelijk overschot hebben opgegraven van een vermist persoon van na 1945 of behorende tot een misdrijf.

Het identiteitsplaatje van een soldaat was, en is nog steeds een belangrijk attribuut. Het kan bijdragen aan identificatie en maakt het zeer belangrijk voor nabestaanden en drager.
Heeft u ooit zo'n plaatje gevonden of vindt u een een, maak hier dan melding van bij onze stichting. Wellicht herinnert u zich nog de vindplaats, maar het zou nog mooier zijn als u ons de vindplaats kunt tonen.

Mocht u (vermoedelijke) menselijke resten vinden, dan dient u z.s.m. contact op te nemen met de politie. Het is van groot belang dat u niets meer aanraakt of uitgraaft.
Bij een vondst van een identificatieplaatje kunt u ons contacten. Onderaan de pagina "Hoe wij zoeken naar WOII vermisten" kunt u lezen hoe wij omgaan met dit soort meldingen.
Uiteraard kunt u altijd contact met ons opnemen via het contactformulier aan de rechterzijde van deze pagina.